king jaarcongres 2012 - sfeerimpressie
18-01-2012
Gemeenten moeten meer doen met minder geld. Dat vraagt om een
meer sturende rol van de gemeente. En vooral: om (nog) meer
samenwerking en het creëren van maatschappelijke allianties. Dat
blijkt uit het KING Jaarcongres 'Cockpit of bijkantoor' dat 12
januari jl. plaatsvond in Den Bosch. 'Gemeenten kunnen niet alles
oplossen voor burgers en bedrijven.'
Denksessie Krachtig bestuur in Brabant; De Gideonsbende van
Aalsmeer (waarom toch samenwerken als het moeilijk gaat); De
participerende gemeente anno nu; Wat betekent het nieuwe werken 2.0
voor jou?; Impactanalyse MijnOverheid.nl; Workshop 'AWBZ,
Jeugdzorg, de Wet werken naar vermogen' en Lessen uit Diginotar en
Lektober.
Een willekeurige greep uit het workshopaanbod op het jaarcongres
van het Kwaliteitsinstituut Nederlandse Gemeenten (KING). De
gemiddelde congresbezoeker kijkt niet vreemd van op van dit zeer
gevarieerde aanbod. 'Werken bij de eerste overheid, ga d'r maar aan
staan', schrijft een congresbezoeker op het digitale prikbord.
'Alleen duizendpoten van harte welkom. Heerlijk al je talenten in
te zetten. En dat saaie imago? Ssst, niet doorvertellen hoor,
gewoon zo laten! ' Zo'n 700 bestuurders, gemeentesecretarissen en
beleidsmedewerkers zijn naar de Brabanthallen gekomen om te praten
over thema's die gemeenten bezig houden. En dat zijn er dus
veel.
"Ik ben voor de eerste keer op het KING Congres. Het is een leuk
programma. Het was heel ontspannend en verfrissend dat er een
comedian tussendoor kwam. Het programma van de workshopsessies is
heel uitgebreid. Een goed aanbod!"
Alex Huisman, Adviseur I&A, gemeente
Langedijk
Gemeenten krijgen te maken met meer verantwoordelijkheden en meer
taken. Zo komen de jeugdzorg, de Wajong en de AWBZ naar gemeenten.
En dan zijn er nog grote operaties op het gebied van
e-dienstverlening. Zoals de implementatie van de negentien
bouwstenen die de basis vormen van de 'e-overheid', de
modernisering van de GBA en de implementatie van de Landelijke
Registratie Kinderopvang en Peuterspeelzalen.
Daarnaast is het business as usual: gemeenten moeten huiselijk
geweld tegengaan, fijnstof verminderen, zorgen voor een goed
ondernemersklimaat en omgaan met bevolkingskrimp. Tegelijkertijd is
er minder geld. En dat stelt gemeenten voor stevige keuzes. Burgers
en bedrijven verwachten van gemeenten uitstekende
(e-)dienstverlening en kloppen als eerste bij gemeenten aan als
middelen en voorzieningen van rijkswege wegvallen.
De centrale vraag op het congres was dan ook: hoe organiseer je
dat als gemeente? Welke scenario's zijn voorhanden? Moeten
gemeenten alles zelf doen, of heeft een gezamenlijke aanpak (met
burgers of andere gemeenten) meerwaarde? Hoe organiseer je de
dienstverlening die burgers waarderen binnen beperktere budgetten?
Waar zitten mogelijkheden om te besparen? Zijn we er klaar
voor?
Samenhang en samenwerking
Ralph Pans, voorzitter Directieraad VNG, ziet het vooral
als een kans. 'Gemeenten staan aan de vooravond van grote
decentralisaties. Daarnaast moet de structuur van de e-overheid
verbeterd worden. Daarvoor hoef ik maar twee woorden te noemen:
Lektober en Diginotar', wijzend op de incidenten in 2011 waarbij
het digitale gegevensverkeer van de overheid zo lek als een mandje
bleek. 'De transities vinden gelijktijdig plaats; dat is een kans.
Het is de uitdaging om deze in samenhang te organiseren.' Er is
sprake van een groeiende rol van de lokale overheid, constateert
Pans. 'Toen de VNG honderd jaar geleden werd opgericht, waren er
1100 gemeenten. Nu zijn dat er 415. Gemeenten zijn steeds meer gaan
samenwerken, en die tendens zet zich voort. Om tot nieuwe
oplossingen te komen is het zaak dat gemeenten de samenwerking
verder intensiveren. VNG en KING gaan gemeenten daarbij
ondersteunen. De VNG past de organisatie daar op aan.'
"Het is een goed aanbod van workshops. En als je geen zin hebt
in een workshop, is er ook nog voldoende ruimte voor ontmoetingen
en netwerken."
Baukje Coppens - van Nunen, gemeentesecretaris, gemeente
Laren.
Interventiefuik
Samenwerken dus. Gemeenten werken steeds meer samen, op
het gebied van ICT, beveiliging, zorg, onderwijs. In een
intergemeentelijk samenwerkingsverband of in bijvoorbeeld een
shared service center. Dat geeft gemeenten meer slagkracht.
Bovendien, zo luidt de gedachte, is de basisdienstverlening van
gemeenten hetzelfde. Waarom zou je dan 415 keer het wiel gaan
uitvinden? Simpele vragen zoals het aanvragen van een paspoort
moeten geborgd zijn in de (e-)dienstverlening. Zo krijgen gemeenten
de handen vrij voor burgers en bedrijven met complexere vragen.
Vragen die menselijk contact en nabijheid vereisen.
Maar, gemeenten moeten daarbij waken voor de interventiefuik,
waarschuwt Mirko Noordegraaf, hoogleraar Publiek Management aan de
Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van
Universiteit Utrecht . 'Gemeenten verworden dan tot speelbal en
zijn niet de spelbepaler. Gemeenten nemen meer taken en
verantwoordelijkheden op zich. Tegelijkertijd worden ze begrensd
door beperkingen als bezuinigingen. Dat is een fuik. De gemeente
kan niet alles oplossen voor burgers of alles voorkomen via
systeemoptimalisatie. De neiging is om alles te borgen in
protocollen, digitale technieken, monitoren, kosten-batenanalyses
en plan-do-act-checks. Ik noem dat de prestatieparadox. Deze is
retorisch verleidelijk maar een illusie.'
Comakerschap
Realistische doelen stellen en daarop sturen, samen met
relevante maatschappelijke spelers, daar draait het om volgens
Noordegraaf. ' Slimme systemen en meten kunnen daarbij helpen, maar
die informatie moet ook naar de werkelijkheid vertaald worden.
Burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties acteren daarbij
als comakers', vervolgt de hoogleraar. 'De betrokken partijen
praten niet alleen, maar bedenken samen oplossingen en voeren die
uit. Daarvoor zijn maatschappelijke allianties nodig. Zoals Utrecht
Overvecht overgewicht aanpakt door een alliantie tussen bedrijven,
zorgverzekeraars en burgers. Gemeenten sturen als spelbepaler op
het ontstaan van deze allianties en beleggen de
verantwoordelijkheden. En: ze maken de politieke keuzes; in de
cockpit en niet in het uitvoeringskantoor.'
Waar is de relatie met mensen?
KING-directeur Tof Thissen: 'Gemeenten organiseren al
steeds meer betrokkenheid, dat zie je ook terug in de cijfers. In
2011 waren burgers positiever over de lokale overheid, zo blijkt
uit een van de onderzoeken op www.waarstaatjegemeente.nl.
Deze site biedt gemeenten inzicht en sturingsadvies.' Met behulp
van Waarstaatjegemeente.nl kunnen gemeenten prestaties vergelijken
en vervolgens van elkaar leren. 'Het is aan gemeenten om meer
mogelijkheden tot betrokkenheid te organiseren, om zo de krachtige
overheidslaag te zijn en te blijven. Bij het aangaan van de grote
opgaven is dan ook de vraag: waar beginnen we? Bij budgetten en
systemen, het gemeentefonds? Of bij mensen? Ik blijf het zeggen:
dienstverlening draait om mensen. KING ziet graag dat gemeenten nog
meer die empathische beweging maken. Gemeenten zeggen: geef ons de
jeugdzorg, de Wajong. Wij kunnen het beter, juist omdat we nabij
zijn. Tegelijkertijd gaan gemeenten dat op grotere schaal
organiseren.'
'Dat zijn mooie woorden', aldus dagvoorzitter en journalist
Frénk van der Linden. 'Maar als de heren Pans en Thissen zich nu
verplaatsen in hun criticasters, wat zouden die zeggen?' Pans: 'We
moeten meer doen met minder geld, dat gaat niet.' Thissen: 'We
moeten eerst de bureaucratie opruimen.' Pans: 'Het kan, maar ik
voorzie veel problemen.' En wat denkt de zaal? 'Het ego van
bestuurders staat vaak in de weg. Weerstand wordt vaak
georganiseerd vanuit het bestuur.' Thissen: 'Alle bezwaren ten
spijt, het zou mooi zijn wanneer gemeenten beginnen bij de vraag
van burgers en bedrijven. En die vraag als uitgangspunt van hun
handelen nemen.'
Op www.kingcongres.nl
vindt u de presentaties van de sprekers op het KING
Jaarcongres 2012.